www.corpuscallosummethode.com

www.ccmethode.com

Over de auteur

nieuwetijdskinderen, beelddenken, adhd, dyslexie, leerproblemen, NLD, autisme, PDD-NOS, overgevoeligheid, te veel fantasie, te weinig fantasie, faalangst, bedplassen, motorische problemen, concentratieproblemen, gespannenheid, oorontstekingen, lui oog, bijziendheid, verziendheid, fixatie deviatie

  

Mijn naam is Cora Hulsman.
Na het volgen van de Pedagogische Academie ( de huidige PABO) heb ik een aantal jaren les gegeven op een klassikale basisschool. Na het volgen van de Montessori Opleiding maakte ik de overstap naar het Montessori Basis Onderwijs. Hier heb ik met veel plezier jarenlang gewerkt in de middenbouw, een combinatie van wat nu groep 3, 4 en 5 is.

Al op jonge leeftijd was ik sterk geïnteresseerd in het menselijk functioneren in al zijn hoedanigheden.
In de bibliotheek leende ik vooral non-fictie boeken. Van de boeken die heel veel indruk op me gemaakt hebben, herinner ik een boek over het leven van de blind-doof geboren Helen Keller en een boek dat 'Kay lacht weer' heette. Dit ging over een jongen met grote psychische problemen. Elke boek dat ik las liet me vol vragen achter en vergrootte mijn honger naar meer informatie.

De fascinatie over hoe mensen leven, waarom ze handelen zoals ze handelen en later de interesse in de ontwikkeling van kinderen en de werking van de hersenen in relatie tot het functioneren in het dagelijks leven, zijn in de loop van de tijd naast object van studie, mijn passie en mijn stokpaardje geworden.

In 1982 kreeg ik van de behandelende oogarts het advies om mijn dochtertje Manja (ze was toen 4 jaar), na een periode van afplakken, aan haar luie oog te laten opereren, omdat ze volgens hem anders grote kans liep blind aan dat oog te worden.
Op dat moment had ik echter al zoveel geleerd over de werking van de hersenen, dat ik ervan overtuigd was dat de oorzaak en de oplossing van haar probleem niet te vinden waren 'in de lengte van haar oogspieren', maar in de (samen)werking van haar hersenhelften.

'Toevallig' kwam ik in die tijd in aanraking met de optologie, ook wel functionele optometrie genoemd.

De optologie houdt zich bezig met alle facetten van de visuele waarneming en informatieverwerking in de hersenen in relatie tot het functioneren in het dagelijks leven, zowel op functioneel, cognitief als op emotioneel niveau.
Om de samenwerking tussen beide lichaamshelften, beide ogen en beide hersenhelften te bevorderen wordt er in de optologie naast zeer uitgebreide metingen van het visueel systeem, visuele training gegeven, waarbij onder meer gebruik gemaakt wordt van motorische oefeningen en van oog- en waarnemingsoefeningen.

Ik besloot om Manja niet te laten opereren, maar via de optologie een poging te wagen het zicht en de besturing van het luie oog te verbeteren.
Omdat ze verziend bleek te zijn kreeg ze om te beginnen een lichte plus bril voorgeschreven. Deze bril maakte dat ze minder moeite hoefde te doen om dichtbij scherp te stellen, waardoor kijken voor haar minder vermoeiend en het scheelkijken al wat minder werd.

Omdat ik toentertijd niet in de gelegenheid was met mijn dochter bij een therapeut visuele training te gaan volgen, ben ik zelf aan de slag gegaan met het beperkte aantal oefeningen (enkele motorische en evenwichtsoefeningen en enkele basis-oogoefeningen) waarover ik beschikte. Tevens ben ik me in de materie gaan verdiepen. Hoewel we samen het oefenen enige tijd consequent hebben volgehouden, was bij ons de combinatie moeder-therapeut versus dochter-cliënt niet echt ideaal.
Ik denk dat mijn overijverige aard - ik wilde alles wat ik leerde op haar uitproberen - daar een flinke rol in heeft gespeeld.
Toch was het resultaat na korte tijd consequent oefenen en het dragen van haar bril, dat een operatie niet meer nodig was en dat Manja letterlijk en figuurlijk, veel evenwichtiger werd. Heel soms, wanneer ze erg moe, onzeker of emotioneel was, kon haar oog nog wel wat naar binnen trekken. Maar hoewel ze naar mijn mening eigenlijk te vroeg gestopt is met oefenen en met met het dragen van haar bril, is ook nu zo'n 33 jaar later, het zicht van beide ogen op een lichte verziendheid na, normaal.

Na het volgen van de in die tijd beschikbare opleidingen en workshops op het gebied van optologie, het verslinden van wetenschappelijke en populair wetenschappelijke boeken en het opdoen van praktijkervaring door middel van stage en samenwerking met aanstaande collega's, stapte ik uit het onderwijs en opende in 1986 mijn praktijk voor optologische therapie (visuele training).
Het is misschien niet zo verwonderlijk dat mijn sterkste punten in de loop van de tijd het begeleiden van kinderen en volwassenen met leerproblemen of met een lui oog, bleken te zijn

Na enige tijd werd me duidelijk dat kinderen al grote veranderingen doormaakten tijdens het volgen van het programma met motorische oefeningen aangevuld met enkele basis oogoefeningen, terwijl volwassenen meestal meer tijd en een uitgebreidere training van de motoriek en de visuele waarneming nodig hadden.
Kinderen werden over het algemeen relatief snel evenwichtiger, konden beter met gevoelens omgaan, de verwerking, opname en weergave van informatie verbeterden en problemen met het richten en of/scherpstellen van de ogen verminderden of verdwenen. Dit alles had een positieve invloed op het welbevinden, het gedrag, de concentratie en het leervermogen van de kinderen.
Eventueel werd hierop zo nodig verder gebouwd met meer specifieke oog- en waarnemingsoefeningen (bij een lui oog, bij- en verziendheid, dyslexie, enz.).

Omdat ik, op basis van mijn studie en jarenlange ervaring, ervan overtuigd ben dat heel veel kinderen gebaat zijn bij een programma van motorische oefeningen en basis oog- en waarnemingsoefeningen om de samenwerking van hun hersenhelften te verbeteren, heb ik de materie geordend en samengebracht in een gebruiksvriendelijk, duidelijk en effectief programma, en het hier en daar voorzien van achtergrondinformatie. Vervolgens heb ik het uitgebracht in de vorm van een oefenboek: De Corpus Callosum Methode Deel I.
(Deel II had een boek speciaal voor kinderen met luie ogen moeten worden, maar door omstandigheden is het er nog niet van gekomen.)

Dit boek is speciaal bedoeld voor leken: niet-therapeuten zoals ouders of leerkrachten, maar het is inmiddels gebleken ook zeer bruikbaar te zijn voor hulpverleners zoals bijvoorbeeld kinderfysiotherapeuten en (motorisch) remedial teachers.

Overige informatie

Naast het geven van visuele training heb ik onder meer de volgende activiteiten ontwikkeld:

  • Het testen van de lateralisatie en de visuele waarneming bij eerstejaars leerlingen in het   Voortgezet Speciaal Onderwijs
  • Motorische training aan groepjes leerlingen in het reguliere basisonderwijs
  • Optologische training van individuele leerlingen op een school voor kinderen met dyslexie
  • Lezingen voor een opleiding tot remedial teacher over de voorwaarden voor een betrouwbare visuele waarneming en de relatie tussen waarnemingsproblemen en leerproblemen
  • Lezingen voor geïnteresseerden over het verband tussen kijkgedrag, leefgedrag en geestelijke groei
  • Lezing bij een medisch kinderdagverblijf over de motorische ontwikkeling, visuele waarneming   en informatieverwerking in de hersenen in relatie tot leer- en gedragsproblemen
  • Voorlichting aan schoolartsen over het gebruik van de bioptor voor het signaleren van   problemen met de visuele waarneming.
  • Huidige activiteiten
  • Het verzorgen van workshops (alleen op verzoek)
  • Online coaching van therapeuten en niet-therapeuten
  • Het doen van onderzoek


© 2007 C.M. Hulsman-Krul